browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Column: Lofprijzing

Geplaatst door on 21 januari 2017

Onwennig sta ik tussen hen in. Zij zingen zonder enige reserve. Ik prevel met moeite de onbegrijpelijke klanken. Zij klappen met hun handen en wiegen met hun heupen. Ik klap voorzichtig mee, maar mijn heupen en benen staan stijf naast elkaar. Het is mijn eerste Tanzaniaanse kerkdienst, nu bijna acht jaar geleden, en ik kijk mijn ogen uit. De geluidsboxen staan op het hoogste volume, de drum roffelt er tussendoor en de mensen zingen luidkeels. Lofprijzing!

Maar ik twijfel. Vind ik dit mooi of niet? Het is zo anders dan ik gewend ben: psalm 42 op hele noten, langzaam en gedragen, met orgel. Al snel komen er meer vragen: is dit echte lofprijzing? Moet het nu zo, op deze manier?

David helpt me een beetje verder. Over hem lees ik: ‘David en het hele huis van Israel huppelden voor het aangezicht van de Heere, met allerlei muziekinstrumenten van cipressenhout, met harpen, met luiten, met tamboerijnen, met rinkelbellen en met cimbalen’ (2 Samuël 6:5). David loofde God door gehuppel en muziek. Zoals de mensen hier, in Tanzania. Maar… het past niet bij mij.

Wat moet ik hier nu mee? Één ding is duidelijk: Een christen kan niet zonder lofprijzing. Maar wat is lofprijzing precies? En hoe doe je dat?

C.S. Lewis zegt het zo: Als we een mooi kunstwerk zien dan is dat bewonderenswaardig. Het dwingt bewondering af. En we zijn dom en ongevoelig als we het kunstwerk niet bewonderen. Zo is het ook bij God. Lofprijzen is iets zien en ervaren van Wie God is. In Zijn genade. Of in Zijn heiligheid. In Zijn macht of Zijn heerlijkheid. En dan borrelt de lofprijzing vanzelf op. Je zingt. Of je looft Hem in stilte. Hoe je het ook doet, je erkent het: Zo is God! En je wilt Hem hiervoor eren, met of zonder tranen; met of zonder dans. En dat geeft vrede. Geluk. Dát is lofprijzing.

Wie doet het nu beter? Die vrouw hier in Tanzania, met haar danspasjes en gewieg? Of die vrouw in Nederland, die zonder veel beweging meezingt met het orgel? Ik weet het niet. Ik hoef het ook niet te weten. God ziet het hart aan, niet ik. Maar als ze met mond én hart Hem prijzen, dán is het echte lofprijzing.

En ik? Moet ik meedansen of stil blijven zitten in de kerk? Het mag allebei. Eén ding mag niet: de ander veroordelen, door te zeggen: ‘jij prijst God niet op de juiste manier!’ Laat ik deze lofprijzing opvatten als een aansporing: ‘Loof de Heere!’ Waarom? ‘Want Hij is goed!’

Deze column van Albertine is gepubliceerd in het Reformatorisch Dagblad van 19 januari 2017.

2 Responses to Column: Lofprijzing

  1. fam. Harskamp

    De blijdschap des Heeren is uwe sterkte!!
    De blijdschap is ook een vorm van dankbaarheid.

    Jan Harskamp

  2. Lenie en Henk Eijsenga

    Deze bijdrage van jou Albertine mag een lofprijzing zijn.